Ontstaan

Onze groep is midden 1995 opgericht door zes leden van De Thuisbaan. Dit is een (Zuid-Limburgse) gezelligheidsvereniging met ongeveer veertig leden die ieder een eigen baan hebben in alle mogelijke schalen. Veel modelspoorders hebben een modelbaan naar Duits ontwerp omdat daarvoor ook vroeger al veel materiaal verkrijgbaar was. Maar de behoefte om eens iets "Nederlands" te doen bleek niet te stuiten. Ruimte voor een extra baan heeft natuurlijk niemand, zodat een modulebaan de enige oplossing is. Ieder bouwt dan een eigen stukje, dat een paar keer per jaar op tentoonstellingen gebruikt wordt. Zo is de hobby een sociaal gebeuren geworden.
Intussen is de groep in omvang verdubbeld en zijn er ook een aantal op afstand geïnteresseerden.

Doelstelling
Een paar belangrijke doelen waren ons vanaf het begin al duidelijk:
Zelfbouwhuizen naar echte voorbeelden, uniform landschapsmateriaal, alleen rails van lage hoogte (PECO code 55) en zoveel als mogelijk een doorlopend baanontwerp. Dit laatste houdt in dat alle modules weliswaar technisch onderling uitwisselbaar zijn, maar dat het landschap dan niet mooi doorloopt.
Bovendien moest onze baan ook professioneel bestuurd kunnen worden. Perfecte rijvaardigheid dus. Niets is immers storender (vinden wij) dan schokkende, hortende en ontsporende treinen. Uiteindelijk ging het om een geloofwaardig (Limburgs) landschap omstreeks de tachtiger jaren. Bijna iedere tentoonstelling komen we met een ander banenplan en een andere (steeds weer verrassende) treinenloop, zodat de afwisseling ook voor onszelf groot is.
Na een onstuimige groeiperiode bevindt de groep zich sinds ongeveer 2000 in een periode van stabilisatie. Dat betekent vooral dat sterker dan voorheen de nadruk op kwaliteit is komen te liggen. De groep bezit intussen zoveel modules, dat ze zelfs op de grootste tentoonstelling niet geplaatst kunnen worden. Niet alleen qua ruimte, maar ook qua opbouwtijd. Dat komt ook omdat het aantal actieve leden is afgenomen.
De laatste jaren richten we ons daarom vooral op verbetering van de perfectie. Die uit zich in vervanging van oudere landschappen en modellen, en ook in vergroting van de rijmogelijkheden door plaatsing van extra wissels en vergroting van de treindichtheid door gebruik van dienstregelingen. Er is een flexibel achtergrondsysteem ontwikkeld en er rijden, door toetreding van een echte modelbouwer, NS-modellen rond die men nergens anders kan vinden.
De bomen, struiken en andere begroening is door ons lid Jos Geurts (beter bekend als 'Grove Den') voor een groot deel bewerkt.
Tijdens tentoonstellingen wisselen we vaak gedurende de dag ouder materieel voor nieuwer, zodat het de moeite loont om de baan twee keer te bekijken. Sinds een paar jaar rijden de treinen bovendien volgens een maximaal afwisselende dienstregeling. Daarnaast worden er meer en meer "bewegende" delen op de baan ingebouwd (overwegen (soms met bedienbare bomen), geluidsmodules, knipperlichten, een kabelbaan, een basculebrug en een asymmetrische draaibrug).

Modules
Uitgangspunt waren in 1995 de Nedtrak normen. Daarop is voortgebouwd. Een basismodule meet 120 bij 40 centimeter en heeft dubbelspoor op 5,5 en 8,85 cm vanaf de voorzijde. Daarnaast zijn er binnen- en buitenbochtmodules van 90, 45, 30 en 15 graden. Er zijn ook twee keerlussen uit één stuk van 120x80 cm. Bovendien zijn er 6 pasmodules om rond te kunnen rijden. De bedrading onder de modules is gestandaardiseerd voor zowel de rijstroom, de wissels als de functies. Alle modules zijn voorzien van een achtergrondplaat van 40 cm hoog. Ter wille van de transportabiliteit en de bescherming van het landschap worden modules zoveel als mogelijk gesandwicht opgeslagen en vervoerd. Een 'kist' van 120 bij 40 bij 40 is redelijk makkelijk vervoerbaar en ook stapelbaar.
Alle modules kunnen technisch gesproken onderling uitgewisseld worden, behalve modules die bij elkaar horen, zoals brugmodules en stationsmodules die altijd in vaste opstelling voorkomen.
Omdat gebleken is dat tijdens tentoonstellingen de rails vaak uitzetten (het is net echt!), terwijl de houten ondergrond juist krimpt, zijn de rails op de langere modules onderbroken door een zaagsnede. Dit maakt ook een flexibeler inzet van de beschikbare railsruimte door de eveneens flexibele blokken mogelijk.

De groep beschikt nu over ongeveer 50 inzetbare modules, inclusief de pasmodules.